Trauma na woninginbraak

Slecht slapen, je niet fijn voelen in je eigen huis: een woninginbraak maakt diepe indruk. Jarenlang de cel in vinden slachtoffers een passende straf, blijkt uit nieuw onderzoek. “Bij ieder geluid zaten we rechtop in bed.”

Het onderzoek werd uitgevoerd onder duizend slachtoffers in opdracht van stichting Nationale Inbraakpreventie Weken. RTL  sprak met vier slachtoffers, die vertellen over de inbraken die hun leven op z’n kop zetten.

Ton (65), woont samen met zijn vrouw in Epen

“Het klinkt misschien vreemd, maar de inbraak was geen verrassing voor ons. We hadden die zaterdagochtend al een vermoeden dat het zou gaan gebeuren. Er reed een vreemde auto met lage snelheid door de straat. Achter het stuur zat een onguur type. Mijn vrouw en ik vertrokken toen net naar de stad. In de twintig minuten dat we van huis waren, brak hij in. Hij stal voor 5000 euro aan spullen. Er was onder meer een tv weg, twee computers en verschillende sieraden.”

Na de inbraak troffen Ton en zijn vrouw maatregelen. “We hebben een alarm geïnstalleerd en namen rolluiken. Maar dan nog: het eerste half jaar na de inbraak zaten we rechtop in ons bed bij ieder geluid buiten. Het sleet niet. Om die reden zijn we uiteindelijk verhuisd, acht maanden na de inbraak. Het heeft een enorme impact op ons leven gehad: echt onvoorstelbaar als je zoiets nooit hebt meegemaakt. We gingen niet langer dan twee dagen op vakantie en bleven dicht bij ons huis, uit angst voor een nieuwe inbraak. Nu wonen we in een goed beveiligd appartementencomplex. We weten wie er aan de deur staat dankzij een camera bij de ingang. En ja, dat woont veel prettiger.”

Ook was het echtpaar bang dat de inbreker zou terugkomen om wraak te nemen. Die had namelijk terechtgestaan voor de brutale woningroof. “Na zes maanden kwam hij vrij. En dat zorgde toch voor onrust bij ons. Nu zijn we blij dat we deze stap hebben gezet.”

Paul (53), alleenstaande uit Amsterdam

Paul kreeg ongewenst bezoek toen hij een weekend op reis was met vrienden. Zijn laptop, dure parfums, merkkleding en maatpakken: alles is meegenomen. De inbraak zorgde voor een permanent gevoel van wantrouwen. “Als er een vreemde auto voor de deur parkeert, houd ik ‘m in de gaten. De inbraak gebeurde een half jaar geleden, maar het wantrouwen slijt niet.” Vroeger had hij daar geen last van. Integendeel. “Ik dacht: dat overkomt me niet. Maar nu het toch is gebeurd, zorgt het voor een grote deuk in het vertrouwen.”

Paul vertelt dat hij zijn meest kostbare bezittingen verstopt in eigen huis als hij voor langere periode weggaat. “De impact is groot. Ik trek eerder mijn gordijnen dicht, zodat mensen niet van de straat naar binnen kunnen kijken. Als het donker is, zorg ik dat ik binnen ben. Ik heb het naar mijn zin in deze buurt, maar als er nog iets gebeurt, vertrek ik.”

In totaal is er vier keer bij Vera ingebroken. De broodnuchtere Amsterdamse slaapt er niet slechter door. “Het went. Ja, echt. Het went. Weet je? Het zijn maar spullen. De laatste keer hebben ze een tablet gestolen van me, die ik cadeau had gekregen van een vriend die op sterven lag. Over de diefstal van de tablet ben ik snel heen, maar de mails die op de tablet stonden, zijn onvervangbaar. Net als gestolen sieraden.”

Strijkbout

“Eigenlijk denk ik dat degenen die moeten inbreken er erger aan toe zijn dan ik. De eerste keer vond ik het heel erg hoor. De tweede keer ook, trouwens. Bij een van de inbraken hebben ze een strijkbout meegenomen. Dat vond ik op een bepaalde manier wel aandoenlijk. Dat zo’n jonge knul dat meeneemt voor z’n moeder. Ja, op straat heeft het geen enkele waarde toch?”

Haar laatste woning heeft ze uitgerust met stevige sloten en grendels. “Niet uit angst hoor, maar dankzij een goed boerenverstand. Ik kan mijn woning niet beter beveiligen dan ik nu doe. Tegen een steen door de ruit is ook niet veel te beginnen. Wel hebben we na de laatste inbraak nog de woning geïnspecteerd met een buurvrouw, die daarna ook geholpen heeft met het opruimen van het kapotte glas. Weet je, ik ben geen Hollander, maar wel broodnuchter.”

Hanneke, weduwe uit Hilversum

Eind november werd er in de woning van Hanneke ingebroken. Ze vermoedt dat de inbraak rond half 8 ‘s avonds plaatsvond en dat ze de inbrekers tijdens hun ‘werk’ stoorde. “Ze zijn namelijk alleen boven bezig geweest. Daar hebben ze voornamelijk sieraden meegenomen, die een grote emotionele waarde voor me hadden. Beneden zijn ze niet geweest.”

“Ik kwam er ‘s avonds achter toen ik naar bed ging en ben geschrokken. Daar heb ik wel een potje staan janken.” Tegenwoordig laat Hanneke lichten aan in de woning, beneden bijvoorbeeld, als ze boven aan het werk is. En de sloten controleert ze voordat ze vertrekt. “Ik ben nog alerter op of ik alles op slot draai. Alles moet dicht, alles moet altijd op slot. Ik kijk ook weleens of er nog iemand op het dak zit. En alle geluiden in huis, merk je op. Dan denk ik: ‘goh, zit er nou weer iemand boven’. Dat is minder geworden, maar voorheen had ik daar nooit last van.”

Bron: RTL

Please follow and like us:
X